|
Welke
vis vangsten kunt u bij ons verwachten
U
kunt natuurlijk heel gericht voor een specifieke vissoort gaan, aan
technieken, goede stekken en het belangrijkste, vis ter plaatsen geen gebrek. Veel hangt
natuurlijk samen met de wijze waarop men vist en de
weersomstandigheden.
Graag
leggen wij mensen uit wat de mogelijkheden en technieken zijn om
een bepaalde vissoort te vangen. Voorwaarde is dat wel dat de
soorten er ook moeten zijn en dat is op onze locatie gelukkig
bijna altijd het geval.
*
Wordt soms gevangen.
**
Wordt regelmatig gevangen.
***
Wordt altijd gevangen.
Voor
sommige soorten adviseren wij Catch & Release. Deze bijzondere soorten zijn
te mooi of te schaars om aan de natuur te onttrekken.
De overdaad aan te vangen
vissoorten zorgt er voor dat elke gast minimaal een
lekker maaltje vis voor mee naar huis vangt. Wij staan ook achter het beleid van de Noorse overheid om maximaal 15 kg
vis uit Noorwegen te mogen meenemen.
KLIK
OP DE VIS of visnaam voor een vergroting |
Fast
hook release - The Valley Disgorger
Vele, al wat langer vissende hengelsporters, kennen deze onthaker nog onder de naam van “The Valley Disgorger” de onthaaktang van Alan Taylor. Eénmaal gewend aan deze manier van onthaken wil elke sportief opererende hengelsporter niet anders meer. Het Catch & Release principe is daarmee aangevuld met het zo onbeschadigd als mogelijk terug zetten van de gevangen vis. Naar ons idee een must voor elke hengelsporter en,… een diervriendelijkere manier van onthaken ben ik nog niet eerder tegen gekomen. De Fasthook release zouden ze, wat ons betreft, verplicht bij een visvergunning moeten verstrekken. Het large model is verkrijgbaar via Visservice voor 13,95 excl.
verzending.
|
|
Bot
(Platichthys Flesus)
***
De
bot vangen we meestal aan ingezouten pieren of aan stripjes vis
van makreel of koolvis. Prachtig
om op ondiep water te zien hoe, tijdens het binnen draaien van
een vangst, vaak nog broertjes of zusjes achter de tweede beaasde
haak aanzwemmen. Ze zijn qua formaat iets kleiner als de
schollen die we vangen en zijn licht tot donkerbruin gevlekt.
Maximumlengte ongeveer
60 centimeter.
|
|
Doornhaai
(Squalus Acanthias)
** C&R
Een
haaiensoort die vrij klein blijft en op de rug en borstvinnen vlijmscherpe harde doorns heeft zitten. Een
prachtige sportvis met een huid als schuurpapier die vaak zelfs
de dikste onderlijnen kneust tijdens een vangst. max. 1.20 mtr.
Na elke vangst van een doornhaai dus zeker de onderlijn op
beschadiging controleren en bij het onthaken absoluut enige
voorzichtigheid in acht nemen. Vaak, als je er éénmaal één vangt,
volgen er meer daar deze vis in scholen jaagt. Zo’n moment zal
je op die plek geen andere soorten vangen daar deze zich alle zo
snel mogelijk uit de … vinnen maken.
Een van de vissoorten die we altijd weer laten zwemmen.
|
|
Dwergbolk
(Trisopterus minutus) ***
Het Kleinere nichtje van de
Steenbolk dat niet veel groter wordt dan een centimeter of 20.
Opvallend is de eerste rugvin die minder stekelvormig is dan die
van de Steenbolk. De Dwergbolk behoort net als de Steenbolk tot
de schelvisachtige herkenbaar aan de baarddraad.
|
Geep (Belone belone)
Deze
niet met anderen te verwarren slanke gestroomlijnde zoutwater
roofvis komen we net als bij ons in de Noordzee ook heel veel in
Noorwegen tegen. De Geep is goed te vangen aan kleine stripjes
vis onder de bekende Geepdobber of andere drijvers bij gebrek
aan. Deze voornamelijk op zicht jagende roofvis met de bek van
een Sailfish jaagt vooral in scholen in de oppervlaktewateren.
De Geep wordt maximaal
90 cm
. maar dat komt zelden nog voor.
|
Gevlekte Lipvis
(Labrus Bergylta) *** C&R
Een van de
grotere lipvissoorten die maximaal
60 centimeter
kan worden.
Net als de meeste andere lipvissen behoort een onregelmatige
rotsachtige bodem tot hun leefgebied. Met hun vlezige snuit en
lippen en typerende tanden belagen ze krabbetjes, garnalen en
mosselen maar een zager of zeepiertje gaan ze ook zeker niet uit
de weg. Met zijn overwegend bruinachtige rode kleur verschillen
de mannetjes in kleur van de vrouwtjes lipvissen.
|
|
Gladde Rog
(Raja Montagui) ** C&R
Qua
lichaamsvorm en uiterlijke kenmerken nagenoeg identiek aan de
stekelrog maar dan zoals z’n benaming verklapt, geen stekels
maar glad.
De kleur varieert van Lichtbruin tot donkerbruin gevlekt.
Dit stukje natuurschoon komt voor tot 120 diep op voornamelijk
zandachtige, vlak tot licht glooiende, bodem. Ze leven van
weekdieren en kreeftachtige en kunnen de
80 centimeter
bereiken.
|
|
Griet
(Scophthalmus Rhombus) *
De
Griet is een dunnere en slankere platvis dan de Tarbot.
Hij
heeft een speciale vorm waaraan deze vis net als de tarbot goed
te herkennen is. Bijna net zo breed als dat deze vis lang is en de
stand van de ogen en plaats van de bek komen sterk overeen. De
Griet kan een maximumlengte bereiken van
75 cm
maar wordt echter zelden groter gevangen dan
60 cm
. Het is een echte viseter net als de wat grotere tarbot maar
de kleinere exemplaren worden ook aan stripjes vis, zagers en
zeepieren gevangen.
|
|
De heilbot (Hippoglossus
Hippoglossus) ** C&R
Op onze locatie Vevang
in Noorwegen
komt de heilbot veelvuldig voor. Bijna dagelijks worden er
wel een paar gevangen indien...men daar ook op gaat vissen.
Het vissen vraagt speciale methodes van (kunst)aas
aanbieding en hengelsportmateriaal. Kunnen uitgroeien tot
zware jongens en meiden en vooral vis staat bovenaan hun diner-verlanglijstje.
Niet
deze heilbot verwarren met de
Atlantic Halibut, (Hippoglossus stenolepis)
Zoek ze vooral op en nabij de bodem en
vaak tijdens het binnendraaien knallen ze erop. De aanbeet en
het gevecht daarna van een knappe jongen geeft iedere visser
een adrenaline boost en er worden dan ook heel wat uurtjes van
de visvakantie aan deze vissoort besteed. Een enkele heilbot gaat bij ons
die week de pan in en...... daar is het ook "een topper"
voor!!!! maar de rest gaat vrolijk Catch, photograph and
release weer terug om voor nageslacht te zorgen. |
|
Kabeljauw
(Gadus morhua) ***
Al
eeuwen lang één van de meest beviste vissoort die nog
steeds hoog op het wensenlijstje staat van de meeste
sportvissers die naar Noorwegen, IJsland en Denemarken trekken. Bij ons gaat
deze wens zeker in vervulling. De kabeljauw is in het na seizoen
en winter (voor ze paaien) op zijn best en kan anderhalve meter
worden maar
80 cm
is tegenwoordig wel het gemiddelde. De vis die bonkende
hengeltoppen veroorzaakt zodra ze deze lengte benaderen of
overstijgen. Niet echt een snelle vis maar wel een sterke met
een grote mond. De kabeljauw voedt zich voornamelijk met
krabbetjes, garnalen en vissen en de kleur van de vis verklapt
vaak wat er op het menu stond. De nog niet gepaaide Kabeljauw
noemen we Gul, die in gekruide brokken gefrituurd, onder andere als
Kibbeling bekent staat. Gedroogde kabeljauw wordt ook stokvis
genoemd en Skrei is de naam die hij krijgt in de periode tussen
december en april wanneer hij vanuit de Barentszzee naar het
noordwesten van Noorwegen migreert om te paaien. De naam Skrei
is afgeleid van het Vikingwoord skrida, dat zoiets als ”reizen”
betekent.
|
|
Gestreepte lipvis (labrus bimaculatus) ** C&R
Ook
wel bonte of koekoekslipvis
genoemd (Labrus mixtus)
Een
van de vele Lipvissen (Labridae) uit een grote familie van
ongeveer 500 verschillende soorten. Dit is het mannetje van de
gestreepte lipvis die uitblinkt in kleuren pracht. Mannetjes
felblauw tot
33 cm
en het vrouwtje is bruin oranje tot
26 cm
met drie zwarte stippen. Bijzonder: gestreepte lipvissen zijn
hermafrodiet en beginnen hun leven als vrouwtje. Op een leeftijd
van 7-13 jaar veranderen ze van sekse en kleur. Ze leven alleen
op rotsachtige bodems waar ze kunnen schuilen en voeden zich met
weekdiertjes, kreeftjes en soms onze piertjes of kleine vers aas
blokjes.
|
|
Koolvis
(Pollachius virens) ***
De
witte koolvis (pollak) is zijn broertje. Een echte roofvis en
familie van de schelvisachtige. De koolvis kan een lengte
bereiken tot
1 meter
en kan maximaal 25 jaar oud worden. Een echte aaseter die zijn
kleinere vingenoten in scholen achterna zit. Soms werkelijk een
muur van vis onder water, waaronder zich dan de grotere
vissen bevinden. De kunst is daar doorheen te komen met onze
lichte pilkertjes
maar meestal lukt dat niet. Het meest in de industrie
verwerkt tot vissticks en zo bij een ieder wel bekent.
|
Leng
(Molva molva) ***
De
grootste tot nu toe bij ons gevangen, 1.45 cm. Deze
voornamelijk visetende rover kan in 25 jaar tijd maximaal 2 mtr
worden. Leeft vlak boven de bodem en heeft naast vis krabben en
octopus op het menu staan. Buiten de messcherpe tanden zijn
opvallend te noemen de grotere bovenkaak en de baarddraad. |
|
Lom
(Brosme brosme) ***
Weer
een familielid van de schelvissen (Gadidae) die dicht bij de
bodem, tussen de 70 en
1000 meter
diepte leeft. De gemiddelde lengte van deze vis ligt rond de
60 centimeter
en is bijna nooit groter gevangen dan
1 meter
. De Noren en Russen drogen of zouten deze soort tot stokvis of
klipvis. De Lom heeft als hoofdvoedsel vis, kreeftachtige
en schelpdieren. Optisch te herkennen als mutant van een
Schelvis (de kop) en een Leng (het lijf)
|
|
Makreel
(Scomber scombrus) ***
Een
soort die massaal in scholen jaagt en hoofdzakelijk in de
bovenste waterlagen. Als we ze vangen... zit de bak zo vol.
Altijd super voor de aasvoorziening want alle lengen, lommen,
zeeduivels en ook de kabeljauw happen maar wat graag in een
aasflap van Makreel. Een van de vette vissoorten die naast de
Zeebaars en paling het meest bekend is van het vis roken boven
eikenhout. En dat doen we dan ook maar wat graag ter plekke want
er gaat niets boven vers gerookte vis zo uit het vat.
|
Pitvis
(Callionymus
lyra)
** C &R
De
afgeplatte buik van de Pitvis verraadt dat hij op en in het zand
c.q. modderbodem naar zijn voedsel zoekt. De pitvis wordt niet
groter dan 25cm en in kleur verschillen de mannetjes van de
vrouwtjes pitvissen. De mannetjes zijn niet alleen veel
kleurrijker maar hun eerste stekelachtig rugvin is ook veel
langer als die van de vrouwtjes Pitvis.
|
|
Pollak
(Pollachius pollachius) ***
Gek
genoeg ook wel witte koolvis genoemd terwijl de kleur veel meer
goud bruin is dan die van de koolvis (zilver grijs). Wederom een
schelvisachtige die qua gedrag het meest te vergelijken is met
de Snoekbaars. Het meest opvallend zijn de grote ogen en de
kracht en snelheid waarmee deze vis met je aasje aan de haal
gaat. Goed te vangen met aasstrips maar zeer zeker ook met
kunstaas. Kunnen max
1.30 cm
. groot worden. Wie met shads of pluggen aan een lichte
spinhengel of baitcaster in de weer gaat zal een prachtige sport
beleven aan deze vis.
|
De Rode Poon (Chelidonichtys lucernus) ***
Een brede
familie met als belangrijkste kenmerk de harde gepantserde kop.
We kennen naast de Rode Poon, de Grauwe Poon - Chelidonichtys gurnardus en de Gestreepte Poon - Chelidonichtys
lastoviza waarvan we de eerste 2 regelmatig mogen bewonderen. De
Poon die soms hoorbaar geluid produceert is door onze
oosterburen omgedoopt tot Knorhaan. Na de stekelige vinnen
vallen de zijvinnen het meest op door hun vorm. Ovaal alsof ze
weerszijde een vleugel hebben.
De
echte rode poon is niet te verwarren met de grauwe poon die veel
vaker gevangen wordt. De echte rode poon is felrood en heeft een
blauwe gloed op de rand van de borstvinnen. De grauwe poon kan
ook deels een roodachtige kleur bevatten maar heeft geen echt
felle kleuren. Door soms zijn grote plaatselijke aanwezigheid
kunnen de ponen een ware plaag vormen voor de sportvisser die
gericht op wat anders vist. |
Roodbaars (Sebastes marinus)
***
Hier zijn een
aantal verschillende soorten in, waaronder ook enkele
dwergsoorten.
De grote roodbaars kan wel
1 meter
groot worden, maar deze grootte is toch zeldzaam. Vissen tot
50 cm
zijn gebruikelijker en worden regelmatig gevangen.
Een mooie geheel roodgekleurde vis die je met zijn grote ogen
bijna loensend aankijkt als hij van grotere diepte naar boven
wordt gehaald. Het is een vis en kreeftachtige eter en de Haring
en Lodde behoren tot zijn favoriete voedsel.
Daar
de Roodbaars normaliter op wat grote dieptes leeft verrast hij
vaak elke hengelsporter die hem voor het eerst vangt. |
|
Schar (Limanda limanda) ***
Een
veel voorkomende platvis van max. een centimeter of 40.
De Schar heeft een voorkeur voor zanderige en modderige
bodems waar hij met de bekende paternosters en licht lood prima
bevist kan worden. Een uitgebreid eetpatroon van vissen,
weekdieren, pieren, tot zelfs stekelhuidigen maken hem qua
voedsel niet kieskeurig. De Schar varieert in kleur van een
aantal bruintinten tot grijs bruin met kleine donkere stippen
over de rug verspreid.
|
|
Scharretong (Lepidorhombus
whiffiagonis)
***
De
Noren noemen deze vis ook wel Flandra die ±
60 cm
. groot kan worden. De vis die waarschijnlijk het meest verspeeld wordt door de glazige en kwetsbare structuur van de
huid rondom het kaakgedeelte. Zo glazig dat je er zelfs doorheen
kan kijken. Sta je dus te poken met een 30 of
50 lbs
. boothengel is het zetten van de haak al voldoende om deze vis te
verspelen. Zelfs een top sportvisser die echt wel wist wat hij
deed heb ik een Scharretong aan de oppervlakte zien verspelen.
Aan zijn materiaal en vistechniek lag het zeker niet, zo
kwetsbaar maar daarmee ook speciaal, is de Scharretong.
|
Schelvis (Melanogrammus
aeglefinus)
**
Een
sportvis die onmiskenbaar herkend kan worden aan de korte
kindraad en de
duimafdruk van st.petrus zoals de legende verhaald, een
zwarte vlek ter hoogte van de eerst rugvin op de zijlijn. Jonge
Schelvissen vormen vaak prooidieren voor de grotere zeerovers
en met name de Kabeljauw lust er wel pap van. De Schelvis leeft
op een diepte van 10 tot
450 meter
overwegend dicht boven de bodem en kan max. een meter worden.
|
|
Schol (Pleuronectus
platessa) ***
Deze
platvis (ook wel Pladijs) heeft de zo herkenbare oranje rode
stippen op de rug. De exemplaren die we in Noorwegen aan de
oppervlakte brengen blaken van gezondheid en passen met grote
regelmaat niet in een koekenpan. Eén luxe probleem, het fileren
van een schol zodat deze wel past. Ze kunnen een lengte bereiken
van
90 centimeter
maar dat wordt sporadisch nog gevangen. Het grootste exemplaar
tot nu toe bij ons gevangen meet 62½ centimeter. Opvallend te
noemen dat de grotere exemplaren Schol alleen aan iets grotere
strips aasvis gevangen werden. Tot een centimeter of 40 vang je
ze meestal met garnalen, pieren, schelpdiertjes of een klein
stukje aasvis. De soort van wie wij de naam hebben geleend voor
een van onze meest favoriete visstekken in Noorwegen, “De
Schollenplaat”
|
|
Snotolf
(Cyclopterus lumpus) * C&R
Plompe
bijzondere vis om te vangen met een maximumlengte van
50 centimeter. Ze
komen voor tot een diepte van
400 meter
en in de paaitijd (het voorjaar) legt het vrouwtje in ondiep kustwater
eieren die
het mannetje blijft bewaken. De eieren (Kuit) van deze vis
worden ook wel verwerkt tot alternatief voor kaviaar. |
|
Steenbolk
(Trisopterus luscus) ***
Ook
al weer een kabeljauwachtige herkenbaar aan de baarddraad. De
Steenbolk is een scholenvis die voornamelijk garnaalachtige eet
en niet groter wordt dan 30 á 40cm. Als je veel vis fileert kan
je ontdekken wat er een bepaald moment bovenaan op het menu
staat van de grote zoutwater rovers. Veel grotere roofvissen
hebben de Steenbolk op het menu staan en soms als je een
dergelijke vis vangt, zie je achter in de bek van de vis nog een
Steenbolkje zitten.
|
|
Stekelrog
(Raja clavata) ** C&R
Steeds
vaker treffen we de stekelrog aan die niet te missen in
lengterichting over de ruggengraat een imposant aantal
stekeltjes bezit. De witte buik met mond ter hoogte van de ogen
laten zien dat hij altijd bij en op de zo goed als vlakke bodem
aast. In onze gevallen altijd gevangen aan flinke verse strips
visaas. De beet registratie is ook vrij duidelijk te herkennen,
geen zenuwachtig getik zoals bij de meeste platten maar een
tikje, dan denk je even dat een klein visje met je haak speelt
en je twijfelt, en dan,……. Een run.
|
|
Tarbot
(Psetta maxima) **
De
Tarbot kan zich qua kleur en huidstructuur heel makkelijk aan
zijn omgeving aanpassen. Vaak donker gekleurd zonder schubben
maar met vele onregelmatig verspreide vlekken en benige
bobbeltjes. De grotere exemplaren van 35 cm
en meer vangen we aan flinke strippen vis. De Tarbot groeit in
de breedte bijna net zo hard als in de lengte en ze kunnen
maximaal
1 meter
lang worden. De gemiddelde grote is 50 tot
70 cm
. Het vlees van de Tarbot staat bekent als delicatesse waardoor
de Tarbot zwaar wordt overbevist. Zoals alle platvissen het
meest voorkomend op zanderige of modderige bodemstructuren. De
Tarbot is verzot op ons
lokaas en dat zetten we zelf dan ook altijd in op deze
soort. Zelfs in Noorwegen net zoals dat bij Tarbot op De
Grevelingen ook gebeurd, met een zak Super Burley aan het anker.
|
Vorskwab
(Raniceps raninus)
*C&R
De vorskwab is een visje dat
niet groter word dan een centimeter of 35. Deze Raniceps
raninus behoort tot de kabeljauwachtige herkenbaar aan de
baarddraad. De vorskwab lijkt echter het meest op een uit de
kluiten gewassen kikkervisje. Ze houden zich het liefst op vlak
boven de bodem in de wat ondiepere wateren (2 tot
20 meter
). Onregelmatige
bodem en riffen onderwater zijn de plekken waar zij zich voeden
met Kreeftachtige, zeesterren, wormen en visjes zoals de grondel
(Gobiidae).
|
|
Zeedonderpad (Myoxocephalus scorpius)
*
C&R
Een duivels
uitziend visje met stekels op de kieuwen waar u voor moet
oppassen.
Ze
zijn niet giftig, maar kunnen wel infecties veroorzaken. De
zeedonderpad is een ware alleseter die zo nu en dan onverwacht
weer eens naar boven komt. Voortkomend
uit de familie van 300 verschillende soorten donderpadden (Cottidae)
is wel het meest opvallend dat ze zowel in zoet als zoutwater
kunnen leven en de volwassen exemplaren geen zwemblaas hebben.
De donderpad is geen jager en licht stil te wachten in een
rotsachtige begroeide omgeving tot zijn maaltijd voorbij komt.
De zeedonderpad leeft voornamelijk van kleine kreeftachtige en
visjes en wordt niet groter dan
30 centimeter
.
|
Zeeduivel
(Lophius
piscatorius)
**
Met
een hengelvormige antenne op zijn kop waar een kwastje aan hangt
verleidt of lokt hij zijn prooi. De kans dat je er een vangt is
echter gering daar ze vrij passief jagen. Ze liggen op de bodem
te wachten en gaan geheel op in hun omgeving, tot …. er een
prooi is gelokt. De Zeeduivel is een echte viseter met grote bek
en daarom ook wel Hozemond genoemd. De gehele kaaklijn zit vol
vlijm scherpe tanden en laten je een dergelijke vangst niet gauw
vergeten. Verhoudingsgewijs blijft er van het gevangen gewicht
heel weinig filet over maar dat is dan ook wel super lekker. De
zeeduivel kan met 24 jaar oud de
2 meter
bereiken maar rond de meter is wel het gemiddelde.
|
|
Zeeforel (Salmo Trutta Trutta) *
De Zeeforel die
1.40 meter
groot kan worden is zilver van kleur en heeft zwarte vlekjes.
Als hij geboren wordt is dat niet in zee maar in
snelstromende beken of rivieren met een grind bodem waar de
volwassen exemplaren paaien. Voor ze 2 jaar zijn zwemmen ze de
stroom helemaal af tot in open zee. Daar verblijven ze tot ze 5
jaar zijn en groeien hard. Dan zijn ze paairijp en trekken
jaarlijks terug de rivieren op om voor nageslacht te zorgen. De
volwassen Zeeforel kan snelheden behalen tot
20 kilometer
per uur en het schijnt dat ze instinctief altijd weer hun
geboorterivier op zoeken.
|
Zeewolf (Anarhichas lupus) ***
Een
echte bodem vis. De voornamelijk schelp en schaaldier etende
Zeewolf leeft graag op rotsachtige bodems. Met een imposant
kaakgestel en de geweldig grote tanden kraakt hij zonder moeite
de mossels die hij van de rotsen plukt. Pas op dus voor de
vingers tijdens het onthaken. Een lekker visstripje gaat hij ook
niet uit de weg en zo beland hij soms als delicatesse bij ons op
het bord.
De zeewolf wisselt voor ieder paarseizoen (okt-jan) zijn
versleten tanden zodat hij er weer tegen aan kan. Zoals gezegd
dus eigenlijk een schaaldiereter, maar wordt
vaak
onverwacht op andere manieren tussendoor gevangen.
|